3. De jaren ‘80
Een klein jaar na de oprichting van de BSBN doet het team van Oostrum/Minjon mee aan de WK 1979 in Königssee. Hierna scheiden hun wegen zich: van Oostrum gaat door met Drost en Minjon met Jaap van der Geest.
Al spoedig sluit zich als eerste vereniging de op 26 november 1979 door leden van Sociëteit ‘Minerva’ opgerichte Leidse Studenten Bobsleeclub (LSBC) zich aan. De Leyenaeren zijn op alle fronten actief: Gert Hisken gaat met Minjon naar de FIBT-bobschool in Igls, Marthin Kwakkelstein met Johan Rhemrev eerst sneeuwbobben in Les Avants en vervolgens bobsleeën in Sinaia, Wiltfried Idema en Robert Adrian gaan skeletonnen in Innsbruck, Pieter Laboyrie rodelen in Königssee en Michiel van Aardenne sneeuwbobben in Thônes en Vipiteno met de Amsterdammers Rene Kluver en de gebroeders Woudenberg.
Ondanks een 7e plaats op het pre-Olympisch tournooi plaatst rodelaar Brouwer zich niet voor de Olympische Winterspelen van 1980 in Lake Placid. Van Oostrum en Geurts richten als 2e vereniging het Auto Utrecht Bobslee & Racing Team op.
De eerste helft van de jaren ’80 laat de strijd zien tussen de piloten van Oostrum, Geurts, Minjon en Kwakkelstein. Van Oostrum wint de Sauerlandmeisterschaften, wordt op de WK 1981 (Cortina) 15e en in 1982 (St. Moritz) 11e. Geurts start in 1981 met Bob Schoenmaker op de Duitse Kampioenschappen. Vervolgens starten in december 1981 maar liefst 5 Nederlandse tweebobs op de Nationen-Cup in Königssee:
1. van Oostrum/Drost, 2. Geurts/Hans van Enkhuizen, 3. Minjon/van der Geest, 4. Dirk Jan Nieland/Erik Geeroms en 5. Kwakkelstein/Schoenmaker.
foto: Bob Schoenmaker
In maart 1982 doet Schoenmaker op uitnodiging mee aan de Empire State Games in
Lake Placid. In datzelfde jaar komt de eerste Nederlandse vierbob op de baan: van
Oostrum, Geurts, Drost en Nieland. In october 1983 wordt voor het eerst door westerlingen (waaronder Minjon en Kwakkelstein!) getraind op baan in in het Oost-Duitse Oberhof. Hier dient zich nog een primeur aan: de vermaarde Russische raketbob die pas een maand later bij de Veltins-Cup in Winterberg aan de rest van de wereld wordt getoond. Sibco de Jong is de piloot van de eerste Leidse vierbob die in januari 1983 op de Nationen-Cup in Königssee op de baan komt: de Jong,
Kwakkelstein, Peter-Jan Weterings en Cees Broek. In februari 1983 wordt door drie teams deelgenomen aan de EK junioren in Winterberg.
Van Oostrum plaatst zich met remmer Drost voor de Olympische Winterspelen van 1984 (Sarajevo). Trainer is Jan van Spaandonk en mechanicien Rob Geurts. De speciaal ontworpen aerodynamische bob moet echter op het laatste moment worden ingeruild voor een standaardmodel.
Zomer 1981 wordt op Papendal het eerste BSBN-zomertrainingskamp georganiseerd. In 1984 vindt op Circuit Zandvoort een internationale remmerstest
plaats met deelnemers uit 6 landen.
Op het rodelfront is veel actie: naast Laboyrie Ben Heijmeijer, Peter Viergever, Floris Bielders en Raf Houben van de LSBC en Bart Carpentier Alting, Wouter Latour, Jaap de Groot en Dick Bos van de in 1982 door leden van Sociëteit ‘N.I.A’
(VIATOR) opgerichte Amsterdamse Studenten Bob- en Rodelclub (ASBRC) zijn op veel banen actief. De ASBRC-ers zullen al snel overstappen naar de Rodel- en Bobslee Bond Nederlandse Antillen en met Han Minjon als coach onder deze vlag in bobslee èn rodelen en uitkomen op de Olympische Winterspelen van 1988 en 1992.
De LSBC blijft actief: Sjoerd Sleewijk Visser (skeleton), Boris ’t Veen, Rufus Oliemans, Jan Kiewit de Jonge, Michiel van de Graaff, jhr Jan-Willem van der
Does, Peter van Gent, Paul Zollinger, Eeltje Hidde Halbertsma en van Aardenne (sneeuwbobben) en er is nieuwe aanwas bij het bobsleeën: Sibco de Jong, Peter- Jan Weterings, Cees Broek en Hans Loor).
IJshockeyenthousiast en industrieel Sjoerd Feenstra neemt op de Ledenvergadering van 18 mei 1982 de voorzittershamer over. Frans Henrichs wordt tot ere-voorzitter benoemd. Reeds na anderhalf jaar treedt Feenstra wegens gezondheidsredenen af. Feenstra wordt bij zijn aftreden benoemd tot erelid. Enige jaren later wordt hij penningmeester van het NOC. Hij wordt op de Ledenvergadering van 19 september 1983 opgevolgd door de directeur van circuit Zandvoort, Jim Vermeulen. Op de Ledenvergadering van 10 september 1987 wordt Vermeulen opgevolgd door de Amsterdamse advocaat Till Kolle.
Na Sarajevo richten de bobbers zich op kwalificatie voor de Olympische winterspelen van 1988 (Calgary): Geurts en Minjon met als remmers o.a. Drost, Jan Langeveld, Marco Versterre, van Enkhhuizen en Jeroen van der Meer in de tweebob en Kwakkelstein met o.a Cees ‘the Butcher’ Broek, Erwin Douwes en Niek Broeyer in de twee- en de vierbob. De teams van Kwakkelstein en Minjon doen in 1985 mee aan de WK in Cervinia met als coach Italo de Lorenzo. In de WC 86/87 eindigt Kwakkelstein in de vierbob op op een 38e plaats, in de tweebob eindigen de Nederlanders als 36e (Broek), 43e (Geurts) en Minjon (49e).
Geen van de teams kwalificeert zich voor de Olympische Winterspelen van Albertville 1988. Op de WK van 1989 in Altenberg behaalt Rob Geurts een 11e plaats.
George Kenter start met skeleton en bereikt reeds na enkele seizoenen meerdere
malen een plaats bij de eerste 10. Heijmeijer blijft Nederland vertegenwoordigen bij het natuurbaanrodelen.
Andere actieve LSBC-leden zijn: Marc Jurgens, Alexander van Nierop, Marc Götz, Reinoud van Blankenstein, Martijn Kielstra, Villaume Kal en Bart en Jeroen van Son (bobslee), Paul Rijnveld, Rien Wesseling en Sander Hennipman (bobslee en sneeuwbob), Jan-Hendrik Meulmeester, Pieter van den Brink en Idema (sneeuwbob) en Michiel Castelein en de gebroeders Merks (skeleton). In najaar 1986 smokkelen Jurgens, Götz en van Nierop na de Carpati Trophy in het Roemeense Sinaia een atleet door het IJzeren Gordijn in de neus van hun bob.
In de najaar van 1986 zijn er ook bob-enthousiasten in Friesland (Reimer van
Ruiten en Auke Wiersma) die zich verenigen in de Bobslee Kring BSBN Friesland.
Na het aftreden van Kolle op de Ledenvergadering van zeven september 1990 neemt zijn Dordtse kantoorgenoot Michiel van Aardenne als vice-voorzitter vier jaar lang het voorzitterschap waar.