2. Oude geschiedenis
Als op 12 februari 1883 op initiatief van de Engelse schrijver John Addington Symonds voor het eerst internationale sleeraces (rodelen=luge) worden gehouden op de postweg tussen Davos en Klosters, is er onder de 18 deelnemers een Nederlander! In 1884 organiseren de Engelsman Majoor W.H. Bulpett en Zwitser Peter Badrutt de eerste sleeraces in St Moritz en in 1886 wordt hier op de Cresta Run voor het eerst in de skeletonpositie (liggend op de buik, hoofd naar voren) gesleed.
De in 1863 geboren Jules graaf van Bylandt (‘…one of the most talented all-round sportsmen ever to make an annual pilgrimage to St Moritz…’) is sinds 1897 actief opde Cresta. In 1905 zet hij de beste tijd van het seizoen neer. Op 18 februari 1907 komt hij om op de Cresta als een baanarbeider vergeet een plank te verwijderen…
In 1889 introduceert Majoor Bulpett samen met de Zwitserse smid Christian Matthis
de eerste stalen bobslee. De eerste 30 jaar zit overigens in een vijfbobteam minimaal één vrouw.
Ook Nederlandse bobsleeërs zijn al voor de 2e Wereldoorlog actief:
In 1904 is jhr D. van Lennep de snelste piloot op de baan van St. Moritz.
Op de Olympische Winterspelen van 1928 in St Moritz behaalt de vijfbob met Curt
van der Sandt (piloot), Henri Dekking, Jacques Delprat, Jacques Menten en jhr
Edwin Texeira de Mattos een 11e plaats. In het clubhuis van de St Moritz Bobsleigh Club (SMBC) hangt nog steeds een fraaie tekening van piloten die deelnamen aan de Spelen van St. Moritz.

Texeira, de vlaggendrager van Nederland bij de intocht, is dan al lid van de SMBC, waar in 1920 ‘a dutch gentleman’ de Netherlands Cup heeft aangeboden. In Amsterdam wordt in 1928 de Nederlandsche Bobsleighclub Davos opgericht met Jacques Menten als voorzitter.
Een andere Nederlander die rond die tijd actief was op de baan van St. Moritz is Koch, van wie ook een tekening in het clubhuis van de SMBC hangt.
In 1929 nemen P.M. Metzelaar en E. van der Pol deel aan de 1e EK in Davos en
worden kampioen!.
Een succesvol tweebob team in de periode 1929-1932 was ook dat van P.A. Blaisse
met remmers Hasewortel en van Berckel in een door Fokker (!) gebouwde bob.
Blaisse wordt met remmer Hasewortel tweede bij de Studenten WK in Bardonechia.
Op de Spelen van 1936 in Garmisch Partenkirchen behaalt de tweebob van Sam
Dunlop en baron Willem Gevers zelfs een 10e plaats! Bij de intocht is Dunlop de
Nederlandse vlaggendrager. Gevers is ook actief op Cresta.
In de twintige jaren werd is op de Pinkeberg nabij Arnhem zelfs meerdere malen een bobsleebaan aangelegd, waar met tweebobs op werd gesleed.
Van 1928 tot en met 1948 zijn Nederlandse vertegenwoordigers aanwezig op het
jaarlijkse congres van de Fédération Internationale de Bobsleigh et de
Tobogganing (FIBT), de in 1923 in Parijs opgerichte internationale bobslee- en
skeletonfederatie.
Van 1935 tot 1957 maak het rodelen ook deel uit van de FIBT. Nederland is met Jan Kortenoever ook aanwezig als in 1954 de voorbereidingen worden getroffen het rodelen uit de FIBT te halen en is 1957 als een van de 14 landen aanwezig als in Davos de Fédération Internationale de Luge de Course (FIL) wordt opgericht. In 1958 wordt hij 47e op de WK in Krynica. Vanaf de jaren ’50 zijn
diverse Nederlandse rodelaars actief, waaronder Walter Bornaupt die 77e wordt op
de WK 1957 in Davos en 65e op de WK 1962 in Krynica.