Sla inhoud over

Vijf vragen aan bobvrouw Eline Jurg (22 feb.2010)

VANCOUVER (ANP) - Na de teleurstellende tweemansbob beginnen dinsdag de Nederlandse bobvrouwen aan hun olympisch toernooi. Vrouwen doen sinds 2002 (Salt Lake City) mee in de formule 1 van de wintersporten. Pilote Esmé Kamphuis is de opvolgster van Eline Jurg en Ilse Broeders. Vijf vragen over vrouwenbobben aan de inmiddels gestopte Eline Jurg, die in 2002 en 2006 (Turijn) aan de start van de Winterspelen stond.

Het vrouwenbobben is een jonge sport op de Winterspelen. Is de sport in vergelijking met jouw periode veel veranderd?

,,Er komen bij de vrouwen steeds meer landen bij. Dat België er nu bij is, is natuurlijk geweldig. Het circuit bij de vrouwen was in het begin heel klein. Niet alleen wat deelnemers betreft, maar ook qua begeleiding. Het niveau is gestegen omdat het wedstrijdcircuit van de mannen en de vrouwen parallel is gaan lopen. Hierdoor zijn de begeleiders inzetbaar voor beide disciplines. Dit heeft zeker invloed gehad op de vrouwentak.''

Duitsland regeert al vele jaren het vrouwenbobben. Waarom is dat?

,,Duitsland is een echt bobsleeland. Ze beginnen daar vroeg met rodelen en bobsleeën. Toppers als Sandra Kiriasis en Kathleen Martini lagen op jonge leeftijd al op een rodelslee. Ze kennen alle banen door en door. In Duitsland staan verder een universiteit en diverse andere instanties achter de bobsleebond. Ze zijn altijd bezig met het ontwikkelen van nieuw materiaal, dat ze op vier banen kunnen testen. Neemt niet weg dat die meiden ook fysiek sterk zijn en dat ze kunnen kiezen uit een hele schare remsters door de populariteit van de sport in Duitsland.''

Waarom zijn er in Nederland zo weinig vrouwen die willen bobsleeën?

,,Onze sport is onbekend in Nederland. In november ben ik als coach voor de internationale bond FIBT mee geweest naar de bobschool in Igls, waar ook twee Nederlandse meiden van 16 jaar meededen. Ze waren enorm enthousiast. Ze hebben de baan ook op zijn kop bekeken en willen nog steeds. We zullen echt wat moeten doen om te voorkomen dat de sport straks niet meer in Nederland wordt beoefend. Zeker nu we op technisch vlak ook eindelijk laten zien een rol te kunnen spelen.''

Bobsleeën is voor een groot deel een materiaalsport. Wat kunnen een piloot en een remster toevoegen aan het resultaat?

,,Hoe goed je materiaal ook is, uiteindelijk zul je het met een slechte start en slecht sturen niet redden. De timing bij de start en de krachtsexplosie om de slee zo snel mogelijk in gang te brengen zijn heel belangrijk. Daarnaast moet de uitgangssnelheid zo hoog mogelijk zijn. Met die snelheid ga je de baan in en dat bepaalt uiteindelijk ook de eindtijd.''

Hoe schat je het huidige Nederlandse vrouwenteam in en wie wordt er volgens jou olympisch kampioen?

,,Esmé Kamphuis en Tine Veenstra hebben tijdens de wereldbekerrace in Whistler vorig jaar laten zien daar goed uit de voeten te kunnen. Zeker met het materiaal dat er nu is, moet het met vier goede runs mogelijk zijn in de top zes te eindigen. Voor de olympische titel zet ik in op de Canadese Kaillie Humphries. De Canadezen hebben natuurlijk extra trainingsmogelijkheden gehad.''


Sponsors